Interview: Dave Clarke

Interview: Dave Clarke

The Baron Of Techno. Uncle Dave. Levende legende. Al meer dan 25 jaar domineert Dave Clarke line-ups over de hele wereld als grootste naam op de affiche. We hadden het met de Brit over Drumcode, z'n nieuwe plaat en de band met België. Moeten er nog uitgesproken meningen zijn?

FUZZ – Acts uit ons land worden vaak als pionier beschouwd wanneer het om de beginselen van elektronische muziek in Europa gaat, enkele decennia terug. Hoe staan we er vandaag voor?

Dave Clarke: België is daar altijd sterk in geweest. Er is een tijdje geweest dat de grote radiozenders techno wat weerden en meer voor electro kozen, maar dat heeft niet bepaald lang geduurd, hé? Los daarvan vind ik dat jullie clubscene en resem festivals steeds straffe dingen doen. Jullie hebben zeker jullie plaatsje in de technowereld.

FUZZ – Je viert zelfs je verjaardag iedere keer in de Brusselse Fuse.

DC: De relatie met Fuse moet één van de langstlopende zijn die ik heb, samen met Rex, Fabric en Melkweg. Ik speel er al sinds de jaren '90 en nu is het simpelweg een traditie om daar m’n verjaardag te vieren.

FUZZ – Is het belangrijk om deze langer durende banden te hebben in de industrie?

DC: Voor mij persoonlijk wel, en dat is zeker geen politiek antwoord. Anderen zie ik gedurig switchen en ruilen hoe het hen uitkomt. Ik doe liever door met mensen waarmee ik op dezelfde golflengte zit. Bij Melkweg kwam en ging er doorheen de jaren bijvoorbeeld heel wat van hun personeel. Toch kan ik het goed vinden met iedereen.

Dat komt omdat we onze avonden steeds in elkaar steken vanuit het perspectief van de fan. We malen heus niet om het geld, al moeten we wel rondkomen. Maar ik vind vooral hun puriteit rond de muziek belangrijk.

FUZZ – Duiken om die reden Front 242 en Radical G meer dan eens in je tracklists op, omdat roots onderhouden belangrijk is?

DC: Front 242 is echt belangrijk geweest voor me, back in the days. Zo ook The Neon Judgement, trouwens. Radical G vormt de ideale brug tussen de sound van toen naar de muziek van nu. De nummers van Front 242 en The Neon Judgement waren erg sterk, maar daarom niet tijdloos. Radical G weet die oudere tracks toch fris te laten klinken.

FUZZ – Voor je eigen sound noem je Kool Herc en John Peel als grootste invloeden. Is die laatste verantwoordelijk voor de grote variatie in je tracklists?

DC: John Peel is simpelweg verantwoordelijk voor m’n hele carrière! Hij draaide me als eerste op de radio, dan nog wel in een programma tussen zoveel andere genres. Maar toch paste het. Dat was een grote inspiratie. Er zijn namelijk zoveel invloeden dat het niet mogelijk is om elke keer dezelfde platen op te leggen. Ik ben continu op zoek naar nieuwe muziek waar ik gek van ben, waardoor je vanzelf varieert.

FUZZ – Je woont in Amsterdam, stilaan de hedendaagse hoofdstad der techno. Hoe zie je de rol van Awakenings en Adam Beyer die er met z’n Drumcode Festival landt?

DC: Ik heb Drumcode nooit techno gevonden. Dat is tech house, altijd al geweest. Amsterdam is ook maar een technostad geworden dankzij de hype. Sinds een jaar of vijf is techno geen vuil woord meer. Mocht het dat daarvoor al geweest zijn, waren er nu veel meer events als ADE. Ik heb bewust nooit deel uitgemaakt van een scene, maar hier is alleszins ook geen heuse technoscene. Van zodra de hype terug gaat liggen, zal Amsterdam geen technostad meer zijn.

Begrijp me niet verkeerd; er zijn heel wat artiesten die ik goed vind in Nederland. Ze maken techno, maar wel al van lang voor het populair werd. Fenomenen als ADE maken een stad niet techno. Ze richten zich op de muziekbusiness in z’n geheel, er zijn ook DJ’s die trance, EDM en dance spelen.

FUZZ – Toch is een omgeving belangrijk voor je. Je speelt niet in de VS of Rusland en je claimt nieuwe muziek niet in Groot-Brittanië te kunnen maken. Denk je hard na over waar je wil zijn?

DC: Ik vind het belangrijk toch je eigen beslissingen te maken in het leven. Ik wil niemand straffen door niet in Amerika te spelen, ik voel mezelf simpelweg niet lekker in een land waar Trump president is. De enkele keren dat ik Rusland probeerde, deden me ook erg oncomfortabel voelen. Het gebrek aan respect voor de gay-community, een democratie die er geen is, ...

Dit lijken nu statements die zwart op wit uit de hoek komen, maar dat is niet m’n bedoeling. Ik wil niemand de les spellen, maar wel m'n eigen beslissen maken daarover. Dat is m’n instinct. Ik heb dat recht om me er niet goed over te voelen.

FUZZ – Kan je het sociologische en maatschappelijke lostrekken van muziek maken?

DC: Geen idee. Ik heb lang in Engeland gewoond, maar ik voel me er al lang geen deel meer van. Hun humor is geweldig. Ik heb er een pak vrienden en aan de tijd waarin ik opgroeide heb ik goede herinneringen, maar nu heb ik eerder het gevoel daar liever niet meer te wonen. Nu ik erover denk moet dit een vreemde uitspraak zijn om te lezen, éen die harder overkomt dan ik bedoel.

Toen ik opgroeide, groeide Europa echt naar elkaar toe. Cultuur werd uitgewisseld, er ontstond een degelijke broedplaats voor al wie iets wou maken. Nu lijkt alles in de omgekeerde richting te gaan, alles moet in hokjes, ieder moet op zichzelf aangewezen zijn. Dat is triest. Het zijn bizarre tijden, we leven in een wereld waar dingen niet zijn wat ze lijken te zijn. Zelfs onze social media wordt geïnfiltreerd met fake news door de VS en Rusland! De wereld wijzigt continu, maar weinig zaken doen dat smooth.

In Amsterdam voel ik me nog in balans, ik word er gelukkig. Het weer is afschuwelijk, maar verder heb ik niets te klagen. Ik voel me Europeaan, daarom dat ik dit nieuwe album niet in de UK kon maken.

FUZZ – Je nieuwe album is net uit. Overal duiken de termen ‘duister’, ‘gothic’ en ‘industrial’ op. Had je dat kunnen voorspellen?

DC: Eigenlijk wel, want dat zijn de termen die ik genoemd wil zien worden. Ik geniet enorm van DJ’en, maar kan slechtgehumeurd opstaan wanneer ik de zoveelste video zie waarin een DJ op z’n tafel staat met de armen in de lucht. De scene is vrij kinderachtig geworden. Het draait ook allemaal om geld. Om dit album te maken, wou ik dus geen album maken dat netjes in die scene zou passen. Dat zit niet in me.

Daarom koos ik voor de richting van heuse songstructuren te bouwen. Ik hou ook van zoveel verschillende muziekstijlen, waarom zou ik mezelf limieten opleggen over wat ik mag maken?

FUZZ – De plaat klinkt tijdloos, alsof hij op elk moment in de afgelopen 25 jaar uitgebracht kon zijn. Ben je daar tevreden mee, of had je liever iets nieuw en fris geschreven? Iets dat de bakens verzet?

DC: Voor mij is het iets nieuw en fris hoor. Ik ga heus geen nieuw genre uitvinden, maar tegelijkertijd vind ik niet dat er al veel nummers vanop dit album ooit gemaakt werden of te vergelijken vallen met iets.

Uiteraard zijn de invloeden vrij duidelijk: het zijn allen genres. Daar stel ik ook m’n hoop op: dat het binnen vijftien jaar nog steeds tijdloos zal klinken omdat ik met genres werk.

FUZZ – Er zijn samenwerkingen met Louisahhh en Mark Lanegan op de plaat te vinden. Geef je duidelijke verwachtingen wanneer je samenwerkt met deze namen of zoeken jullie samen?

DC: Dat verschilt per nummer. Met Louisahhh had ik een duidelijk beeld van waar we naartoe moesten, bij Mark Lanegan had ik enkel teksten maar deed hij het merendeel qua muzikale richting. Andersom schreef hij voor een nummer de volledige tekst, en hadden we nog niets van muziek. Zijn idee moest ik dus ook respecteren. Iedereen heeft de vrijheid om op een golflengte te zitten, dan is het zoeken of je die op elkaar kan afstemmen. Het hangt allemaal af van de chemie tussen jou en je kompaan.

FUZZ – Het was veertien jaar geleden sinds je vorige studioplaat. Je hebt de luxe om een stapje terug te zetten en hier op het gemak aan te werken. Bouwt die status een zekere verwachting op naar de buitenwereld?

DC: Zo denk ik niet. Ik ben uiteraard gelukkig dat ik zo’n stapje terug kan zetten, en mezelf kan blijven. Vanaf het moment dat je muziek maakt met de mening van anderen in het achterhoofd, ben je eraan voor de moeite. Dan is het meer marketing. Of je nu tech-house of EDM maakt, je brengt zoiets dan uit met het doel om iemand te behagen. Ikzelf wou die richting niet uit, dan ben je een product dat moet zijn wat anderen denken. De muziek op zich moet het product zijn.

FUZZ – Maar ben je je bewust van die luxe? Anderen moeten knokken.

DC: Kijk, vorige week ben ik begonnen als lesgever op een instituut dat rond audio engineering handelt. Ik probeer iedereen mee te geven vooral moedig te zijn. Je hart volgen, dus. Voor hen ben ik een levend voorbeeld van die les. Ik ben me dus zeker bewust van die luxe, maar ik heb ze wel volledig aan mezelf te danken.

Neem nu de DJ Mag-poll. Vroeger betekende dat echt wel iets. Mensen moest een strookje invullen, uitknippen en op de post doen. Die was representatiever, omdat mensen er moeite voor deden. Nu wint diegene met het grootste marketingbudget simpelweg. Vroeger vond ik het shit dat ik niet in die polls stond, nu ben ik er blij om. It really doesn’t matter. Voor die mensen wil ik niets betekenen. Ik wil niet op hun festivals spelen. Ik wil niet van techno naar minimal naar tech-house moeten schakelen in één uurtje omdat hun aandachtsspanne anders weg is. 

Ik heb een manager, maar enkel voor de muziek die ik maak. Niet voor m’n DJ-carrière. Bij vele andere DJ’s zie ik hun manager pushen, pushen en nog eens pushen richting de commerce. Zo verliest de artiest echt alle integriteit. Ze jagen het geld achterna. Maar opnieuw: iedereen moet z’n eigen beslissingen maken.

Techno en house hebben een lange weg afgelegd. Twintig jaar geleden kwamen ze vanuit de underground, met een grote mix in hun aanhang qua demografie, rassen en religies. Nu lijkt al die moeite voor niets. Tech-house is een bro-scene. Er zijn idiote regeltjes in elk land, wie mag er wel of niet in die club, fascisten die genormaliseerd worden, … Techno begon ooit als genre waar hoe vreemder je was, hoe meer welkom je was. Een super interessante mix. Nu is alles overal hetzelfde, alles is saai. Daarom doen al die polls meer slecht dan goed. Ze laten het niet langer om de muziek maar om een imago draaien.

FUZZ – Vorig jaar had je een ernstig auto-ongeluk, waarna je het leven anders aanvatte en het een pak rustiger aandoet. Stel je jezelf nooit de vraag wat als dat ongeluk er nooit zou geweest zijn?

DC: Geen idee. Zo’n zaken voorspel je niet. Je kan er enkel op reageren. Het idee van het kalmer aan te doen en m’n leven te reorganiseren zat al een tijdje in m’n hoofd. Ik wilde niet langer de persoon zijn die tien sets per maand draaide, twaalf maanden aan een stuk. Ik wilde opnieuw de studio in en aan nummers sleutelen. De verandering zat dus klaar, maar het ongeluk bracht zeker en vast alles in beweging.

Onlangs passeerde ik nog eens op de plek waar het ongeluk plaatsvond. Het was best confronterend. Aan de andere kant zit ik hier nog steeds en praat ik met jou. Als je je leven niet aanpast na zoiets, zou het ook wat raar zijn, niet?

FUZZ – Je verkent ook een andere hobby: fotografie. Kan je die linken aan muziek? Of is het om er even van weg te kunnen?

DC: Ik besefte dat alle passies in m’n leven, eigenlijk doorgegeven zijn door m’n vader. Hij deed me in muziek rollen, maar hij gaf me toen ik jong was ook een oud fototoestel van ‘m. Dat zette mijn geest open. Een groot deel van mijn vrienden zijn fotografen, besef ik nu. Ik zocht ze niet op, het is gewoon een toeval. Het vond het dus altijd al interessant, maar ik had nooit echt de tijd om me erin te ontwikkelen. Ook daar speelt Amsterdam weer in het voordeel: er zijn een pak musea met foto-tentoonstellingen. Volgens mij lokt reizen het fotograferen uit.

Maar het is geen aparte wereld voor me, het is gewoon een ander gevoel. Veel artiesten hebben ultragevoelige zintuigen waardoor smaak, reuk, geluid … veel sterker zijn. Ik heb een goed oog, ik ben goed met licht en framing. Ik wil dat nu dus wat verder uitdiepen en zien waar het eindigt.

FUZZ – Veel plezier ermee!

Artiesten in dit artikel