Interview: Weval

Interview: Weval

2016 belooft een ijzersterk muziekjaar te worden: we worden verwend met wondermooie releases van Moderat, Nonkeen, James Blake, Flume en binnenkort ook Weval. We noemen het Amsterdamse duo zonder schroom in één adem met die illustere voorgangers: hun titelloze debuutplaat op Kompakt is magnifiek goed. Voor ze uitgroeien tot een act van wereldniveau vonden ze nog even tijd voor een interview met Fuzz. Houzee!

FUZZ - Jullie werden opgepikt door Kompakt, maar ze lieten jullie in alle rust aan dit album werken. Hoe voelt dat om deze steun te hebben en heeft het label jullie op een bepaalde manier beïnvloed?

Harm Coolen: Het is heel tof wanneer een groot label met je wil werken. Het is heel interessant om mee te maken. Maar het leverde geen extra druk op. De enige druk die er is, is die naar jezelf toe. Iets maken waar je blij van wordt is best moeilijk, dus dan is het tof wanneer dat lukt.

Merijn Scholte Albers: Gelukkig heeft het label zich niet gemoeid met het proces. We wouden iets maken wat van ons is en waar niet per se een Kompakt-stempel op stond. Maar zo is Kompakt niet, ze geven telkens totale vrijheid. Het label is dan wel dansvloer-georiënteerd, dit album is dat niet per se. Er staan heus wel wat tracks op de plaat waarop je kan dansen, maar die eigenschap vormt niet de grote lijn. Ze willen bij Kompakt vooral mooie muziek en zijn daardoor erg open minded.

Coolen: Zelfs toen we eerst met salsatracks aankwamen (lacht).

FUZZ – Kompakt zelf had niet zozeer een invloed op jullie sound, wie of wat dan wel?

Scholte Albers: Dat kunnen allerlei zaken zijn, maar we willen vooral niet te veel beïnvloed raken door andere muziek. Tijdens het maakproces van het album proberen we zelfs naar zo weinig mogelijk muziek te luisteren - of toch zo weinig mogelijk nieuwe muziek. Als er dan al invloeden binnensluipen, komt die van oudere muziek – qua drumsounds vooral.

Maar het is vaak zo vaag om te pijlen waar die inspiratie vandaan komt. Soms ontstaat iets uit toevalligheden, nieuwe apparatuur, …

FUZZ – Maar er moet toch een reden zijn waarom jullie electronica maken en geen rockband zijn?

Scholte Albers: Goeie vraag. We hebben natuurlijk een voorkeur voor een bepaalde sound: we hebben gekozen voor synthesizers. Maar ook dan moet je zien welke synthesizers bij jouw smaak passen, dat ze geen te nauw geluid hebben. Zo dachten we steeds dat de Prophet-synths van Dave Smith ons ding waren, maar toen we die een paar avonden hadden geprobeerd, vonden we hem toch te glad klinken. Dat soort dingetjes vormen je sound.

Coolen: Invloeden zijn voor een groot deel ook onbewust. Wanneer je op je 8ste naar Metallica luistert en je wil muziek maken is de kans groot dat je dan een gitaar zal kopen en je in rockband terecht komt. Er zijn dus al zoveel stappen voor het moment je daadwerkelijk met een instrument aan de slag gaat. Dat is heel normaal. Voor hetzelfde geld maakten we nu country.

FUZZ – Voor het album kropen jullie een verlaten schoolzolder op. Is dat isolement nodig om volledige focus te kunnen opbrengen?

Scholte Albers: Het kan wel helpen wanneer je een eigen wereldje hebt, of een plek waar niet te veel om je heen gebeurt. Ik hou er niet zo van wanneer de omgeving een soort van prestatiedruk met zich meebrengt. Daar waren er amper mensen waardoor we niet gestoord werden. Daardoor kon het soms zijn dat er drie dagen niets uitkwam, maar we toch niet opgejaagd werden.

Coolen: In ons geval was het niet dat er geen andere verleidingen waren. We moesten zo’n uur fietsen naar de studio en daar zaten we dan, op de zolder van een oude basisschool. Onmetelijk veel zin om de perfecte plaat te maken. We hebben voor honderden uren muziek gemaakt. Er zijn bijvoorbeeld zeven nummers die niet op de plaat kwamen, maar waar we wel vier maand instaken om er nu niets mee te doen.

FUZZ – Er is heel wat sfeer aanwezig op de plaat. Komt dat door die locatie?

Scholte Albers: Ik denk niet dat de locatie er iets mee te maken heeft. We hebben nog al fijne dingen gemaakt in andere studio’s.

Coolen: Ik denk dat die basis er eerder er komt doordat het überhaupt een fijne ruimte was. Maar als die hele fijne ruimte ergens anders was geweest, was het ook gelukt. We hebben evengoed al dingen in de slaapkamer gemaakt waar we heel tevreden van zijn. Het was nu leuk om een ruimte te hebben waar we tot vijf uur ’s nachts herrie konden maken. In hartje Amsterdam is dat niet altijd evident.

FUZZ – Was dit album er geweest in een wereld zonder Nicolas Jaar en Mount Kimbie? Ze effenden het pad voor een stroming vol subtiliteit.

Coolen: Dat weet ik niet. Wanneer je iets hoort, kan je dat wel proberen negeren, maar je hebt het wel onbewust opgenomen. Voor dit album hebben we alleszins geen werk opgezocht van andere artiesten in het genre. We wilden alles zo eigen mogelijk maken.

Maar iedereen is sowieso onderdeel van wat er al is. Ik kan wel zeggen “Neen, daar hebben we niets mee te maken” – maar dat is niet waar. Ik denk dat je nooit vacuüm iets kan maken, of het nu rock in de jaren ’60 of electronica anno 2016 is.

FUZZ – Amsterdam heeft ook een rijk verleden als het op elektronische muziek aankomt. Er is ADE, Awakenings, Pitch en DGTL om maar een paar te noemen. Was Weval er zonder die zaken ook, of in een andere gedaante?

Scholte Albers: We stonden daardoor wel vrij snel op goede plekken, waardoor we sneller doorgroeiden. Pitch is het eerste festival waar we op speelden en dat is hier om de hoek. Dit jaar staan we er al voor de derde keer, dan kom je daar graag. Het helpt dus zeker om mensen te vinden die bij je smaak aansluiten.

FUZZ – Jullie staan gekend om een straffe livereputatie. Is dit album dan een noodzakelijk kwaad om terug op tour te kunnen vertrekken?

Coolen: Het is voor ons zeker geen tool om te kúnnen optreden. We maken er dolgraag iets moois van in de studio. Ik zie het niet naast elkaar, het vult elkaar aan. Maar als ik echt moet kiezen, zijn we meer gericht op het producen.

FUZZ – Moet je bij een eerste album na een reeks EP’s dan strenger zijn voor jezelf? Of staan er genoeg ideeën op het schap?

Coolen: Ja, je moet er wel op letten dat het een mooi geheel wordt. Ook bij dit album was het zoeken; wat wil je dat de plaat wordt? Welk geluid wil je zijn? Daar moesten we naar op zoek. We wouden verschillende genres maar wel met een bepaalde sound. Daar waren we streng over.

FUZZ – De plaat is zeer onthaastend. Is het makkelijk een thema te stoppen in electronica zonder al te veel vocals?

Scholte Albers: Ik vind het net mooi dat de plaat voor iedereen een ander thema bevat. Voor sommigen is dit misschien de perfecte winterplaat, voor anderen dan weer de perfecte zomerplaat. Zelf hebben we daar niet echt een idee bij. Voor mezelf is het een album geworden dat me doet denken aan de periode waarin we zelf zaten. Maar het is niet dat we dat gevoel per sé willen overbrengen. Wat er ook in zit, het is best abstract. Het valt moeilijk te omschrijven.

FUZZ – Muziek dan maar!

Dit weekend speelt Weval in de Ancienne Belgique, later deze zomer nog op Pukkelpop.

Artiesten in dit artikel
Tags