Pukkelpopreview #2: Boiler Room + Dance Hall

Voor de gemiddelde Fuzz-redacteur in zijn pubertijd moeten Boiler Room en Dance Hall de meest favoriete podia op het festival zijn en bivakeert hij drie dagen lang aan de Dance Area. Herinner u de bruisende deejaysets van onder andere Erol Alkan of Andy C zo’n slordige tien jaar geleden in Boiler of de fenomenale liveshows van Laurent Garnier en Simian Mobile Disco in de aanpalende Dance Hall. Voor de intussen matig volwassen redacteur ligt dat net iets anders gezien deejays geen voorkeur meer krijgen op live-acts en de weinig interessante artiesten die nog in Dance Hall staan hij al minstens zeven keer aan het werk heeft gezien.

Dat neemt niet weg dat Boiler Room nog steeds een erg knappe feesttent is - misschien dit jaar net íets minder qua ontwerp - waar je op zijn minst elke dag een keertje de benen gaat strekken. Het meest interessante Boiler-intermezzo moet op donderdag zijn wanneer Nastia en Marcel Dettmann de knoppen warm maken voor Charlotte de Witte.

De Oekraïnse radiomaker Nastia noemt zichzelf een klassieke deejay in die zin dat ze zelden of nooit aan de productietafel zit. Haar stijl doet aan een dj-set van Sven Väth denken waarbij goeie maar niet uitzonderlijke topplaten aan elkaar worden gerijgd en een zekere technoroes creëren bij het publiek. Voeg daar een duister knallend slotstuk bij met Louisahhh!!! & Maelstrom, Dax J en Donato Dozzy en er mag over een succesvolle set gesproken worden in het tegenwoordig verzadigde technolandschap.

In datzelfde landschap zien we Boiler stilletjes aan muurvast lopen voor éne Charlotte de Witte. De doorwinterde technorot die zich zo goed amuseerde tijdens Nastia maakt plaats voor het pubermeisje die van haar ouders voor de eerste keer naar een groot festival mag gaan. Slachtoffer van deze volksverhuizing is Berghain-legende Marcel Dettmann, die het vertikt om zich aan te passen aan het publiek maar daar ook de magere vruchten van oogst. Dettmann brengt een meeslepende climaxgebonden technoset voor een babbelend plantenpubliek dat op Charlotte zit te wachten. Niks aan te doen, zeker?

Tijdens de Boiler-preparty op woensdag doet er zich een soortgelijk fenomeen voor dankzij The Boilerboys. Duizenden Chiromeisjes en het daarbij horende dronken aanhangsel viert zich bot op technoklassiekers van Kölsch, Paul Kalkbrenner, Len Faki en zelfs Joey Beltram. Het bewijs dat techno als undergroundgenre de mainstream aan het inhalen is, zoals al enkele jaren gezegd wordt. Een evolutie waarbij je de wenkbrauwen licht kan fronsen oftewel volledig kan aanmoedigen. Je doet ermee wat je wil. Zelfs drum ‘n’ bass legende Sub Focus rijgt op vrijdagavond een kwartier technoplaten aan elkaar. We staan er maar wat naar te kijken.

Eerder die dag doet ook Riton dat kunstje al eens voor in een enorm lege Boiler Room. Maar wel op zijn eigen manier, want van een man die is grootgebracht onder de vleugels van Soulwax, Boys Noize en Ed Banger Records kan je moeilijk iets conventioneel verwachten. Dat is een understatement want de man draait een zootje ongeregeld bij elkaar na een serie techno met onder andere Four Tet, Green Velvet, Kele - ja die man van Bloc Party - en zelfs Mozart in de hoofdrollen. Zangeres Kah Lo die Riton heeft meegebracht is ook maar je dat. Vreemd.

Aansluitend maakt een doorwinterde fan van de tweede drum ‘n’ bass generatie zich erg boos tijdens de deejayset van Dimension. Ook hij ziet ‘zijn’ muziekgenre in duigen vallen wanneer hij de opkomst ziet. Op een bepaald moment kan hij zich echt niet meer inhouden en toont hij de pubers hoe je écht moet steppen op drum ‘n’ bass. Leedvermaak is hier best op zijn plaats, er is echt niks mis met een nieuwe generatie die van goeie muziek houdt. Muzikaal weerspiegelt Dimension zich het best aan de melodische en stevige drum ‘n’ bass uit de platenbakken van Murdock of aan een gemiddelde productie van Camo & Krooked.

De hoogdagen van Dance Hall voor electro, house, techno en drum ‘n’ bass zijn definitief voorbij. Het is nu vooral hiphop en pop dat met de plak zwaait op het livepodium. Het leukste - maar ook drukste - optreden moet De Jeugd Van Tegenwoordig zijn op woensdag die op één of andere manier de onbestaande harmonie tussen hoogstaande kwaliteitsmuziek en kermiscommerce hebben uitgevonden. Vieze Fur en Faberyayo staan er maar wat bij voor piet snot terwijl Willie Wartaal de grote mc van het toneel is en Bas Bron oftewel Fatima Yamaha alles volledig live speelt.

Muzikaal krijgen we klassiekers voorgeschoteld als Hollereer en Sterrenstof en na het “broek-af-tetten-bloot”-trucje sluit het verrassende Get Spanish aan. Na de fenomenale tranceclimax van De Formule met een enorme live-meerwaarde sluit het gestoord collectief af met het ietwat r-rated hitje Gemist.

Op de laatste festivaldag is er dan toch nog een lichtpuntje in Dance Hall voor electronicaliefhebbers met The Blaze, Vitalic en Nina Kraviz op het programma. The Blaze zet een performance neer die een gemengd gevoel opwekt. Enerzijds tovert het Franse duo met hardware alsof het het tijdelijk afwezige Simian Mobile Disco wil vervangen en maken ze hun eigen kortfilms die op een bewegende ledmuur worden geprojecteerd. Anderzijds is de muziek op zich vrij plat. Een soort van technisch en audiovisueel kunstwerk op de summerhousetonen van pakweg Route 94. Met de oren dicht is het best leuk allemaal.

Vorig jaar bracht electropunk-legende Vitalic zijn spectaculaire ODC-liveshow nog naar het hoofdpodium op Dour en nu doet hij dat kunstje over op Pukkelpop. Het grote verschil is dat het audiovisueel spektakel dat daaraan te pas komt veel beter tot zijn recht komt in een tent, zeker als de geluidskwaliteit ook nog eens veel beter is dan op de Dourse woestenij.

Muzikaal lijkt wel alsof de Vitalic uit het OK Cowboy-tijdperk is herrezen. Meer dan de laatste jaren laat hij de poppy songs opzij voor bruut trashgeweld. De twee extra climaxen bij Second Lives is een absoluut hoogtepunt maar ook Poney Part 1, No Fun, Poison Lips en Stamina doen het heel erg goed in een aangepaste live raveversie. Terwijl stewards glitter werpen op allemans ondertussen uitgeleefde voorkomen knalt de zotte Fransman nummer één hit La Rock 01 door de zaal en sluit hij af met een wel erg gewelddadige versie van My Friend Dario. Beste set van Vitalic in jaren. In járen.

Niet in Boiler maar wel aansluitend in Dance Hall pakt Siberië uit met haar grootste exportproduct na aluminium en natuurlijk gas, Nina Kraviz. Nina doet het volledig met vinyl tegenwoordig en brengt een gebroken technoset vol breaks en klassieke rave-invloeden à la WestBam en I-F. De vrouw heeft enkele jaren al dan niet onterecht stevige kritiek moeten ontvangen - iets wat Charlotte de Witte nu meemaakt - maar heeft dat volledig van zich afgebeten. Krokant setje, Nina.

Om te beschrijven wat er zich de avond voordien in Dance Hall voordoet moet ondergetekende oetlulpaljas even uit zijn rol treden. Hier gaan we.

Goose-nonstoplive is de beste liveband ter wereld die een uur lang non stop hits aan elkaar rijgt met een gigantische geweld en in een geweldig geschifte versies die live zoveel meerwaarde hebben en soms zelfs niet meer lijken op de originele albumversies maar je herkent ze wel aan de lyrics en nadat ze zowaar Synrise voor de tweede keer spelen met een Universal Nation intermezzo blijft het publiek nog een uur lang Synrise acapella nazingen op zo’n manier dat het nog zotter is dan in 2007 toen Body Language nog tien minuten in de tent bleef hangen na de passage van Booka Shade en o ja Low Mode, British Mode, What You Need, Call Me, Bring It On, Can’t Stop Me Now en Words zitten er ook nog ergens tussen echt waar Goose jong niet normaal wat een geweld wat een klap best even gaan zitten nu.

Pardon my nonstop French.