DJ Okawari in Tokyo: oosterse en hogere sferen (12/07)

Begin juli trokken wij, in het kader van een welverdiende vakantie, naar de Japanse hoofdstad Tokyo. Uiteraard konden wij het niet laten te checken welke artiesten er in deze metropool zouden optreden. Tot onze grote vreugde zagen wij dat DJ Okawari, een artiest die wij eerder al eens interviewden, een concert zou spelen op de dag van onze aankomst. Voor ons een uitgelezen kans om een concert op Japanse bodem mee te pikken!

DJ Okawari specialiseert zich in het maken van chille, Nujabes-achtige beats. Zijn productieproces bestaat uit het inspelen en opnemen van pianostukken, die hij vervolgens gaat samplen. Een originele manier van producen die bovendien ook loont, sommige van zijn tracks overschrijden moeiteloos de kaap van éen miljoen views op YouTube

Van de luchthaven vertrokken wij dus rechtstreeks naar de buurt Shibuya om er af te zaken naar Unit, een club die bekend staat omwille van de uitstekende geluidskwaliteit gezellige concerten die er gegeven worden (de zaal is vrij klein hetgeen voor een knusse sfeer zorgt). 

Voor de gelegenheid heeft Okawari een hele band meegebracht, maar liefst zeven mensen staan er op het kleine podium. Openen wordt, naar goede Japanse gewoonte stipt op het aangekondigde beginuur, gedaan met Nightfall. Ook de daaropvolgende nummers, waaronder Altair, zijn niet voorzien van zang.

Al vroeg in het concert merken wij op dat de saxofonist die mee is een grote meerwaarde is op de beats van Okawari. Als we hem aan het werk horen moeten wij onwillekeurig denken aan het werk van Uyama Hiroto, ook een Japanse artiest die overigens nog samenwerkte met de vader van de Japanse beats: Nujabes. Los van het feit dat hij steengoed saxofoon, klarinet én dwarsfluit speelt krikt hij het showgehalte van dit concert ook een stuk op.

Na enkele nummers worden er twee nummers ondersteund door een Japanse rapper. Hoewel het behoorlijk bizar is om in het Japans te horen rappen (en letterlijk geen woord te begrijpen van hetgeen de man te vertellen heeft) zijn de nummers die gebracht worden op zich wel aanstekelijk. Okawari’s beats lenen zich dan ook uitstekend tot hip-hop.

Wij merken al snel op dat het Japanse publiek een pak ingetogener is dan de gemiddelde Westerse meute. Opvallen wordt in Japan niet per sé als iets positief gezien, gras dat hoger groeit dan de rest wordt immers ook sneller afgesneden. In een concertzaal vertaalt zich dat naar amper geroep of geklap en een beleefd applaus aan het eind van elke track. 

Na het stukje rap is het tijd voor éen van de bekendere nummers: Flower Dance. Deze song is haast meer compositie dan beat en zonder twijfel éen van Okawari’s sterkste tracks, waardoor zelfs de meer verlegen Japanners lichtjes heen en weer gaan bewegen. 

Na Flower Dance krijgt de band gezelschap van zangeres Celeina Ann, die meewerkte aan Okawari’s laatste album. Hoewel ze voor een stuk leven en misschien wel een nodige afwisseling brengt genieten wij minder van de stukken die door haar gebracht werden. Ann heeft een nogal hoog pop-prinsesgehalte en haar performance is hier en daar een tikkeltje over the top. Een meer ingetogen zangeres had de muziek voor ons meer eer aangedaan.

Desalniettemin genieten wij van het concert, waarbij vooral de instrumentale stukken er uitschieten. We krijgen onder andere Twilight, Addiction en Fragile te horen, terwijl bisnummer Glitter de afsluiter is. Tijdens Glitter trakteert de band ons per lid op een solo, waarbij de saxofonist nog eens de show steelt door al spelend een rondje door het publiek te stappen.

 

 

Artiesten in dit artikel