Interview: Nid & Sancy

  • Feature
Door Simon Loncke 26 mei 2014

Nid & Sancy, het koppel dat door het dagelijkse leven gaat als Bart Demey en Tania Gallagher, leverde ons onlangs met The Cut Up Jeans een verdomd geniaal album af. Om de makers achter deze stevige plaat beter te leren kennen, gingen we Bart opzoeken in hun indrukwekkende studio in het feeërieke Begijnhof te Gent. Het contrast tussen deze rustgevende omgeving en de geflipte beats die het duo levert, kon nauwelijks groter zijn. Wat volgde was een uiterst aangename babbel over muziek en zoveel meer! Meet Nid & Sancy!

FUZZ – We zullen maar meteen met de deur in huis vallen. Proficiat met het album! Zijn jullie er zelf tevreden over?

Bart: Jazeker, ik denk dat The Cut Up Jeans Technique de plaat is geworden die we wilden maken. Er zullen natuurlijk altijd wel puntjes zijn waarover je achteraf niet helemaal tevreden bent, maar we hebben er goed aan gedaan om voor alles uitgebreid de tijd te nemen waardoor alles perfect in zijn plooi is gevallen.

FUZZ – Onze lezers konden het album al in onze review ontdekken. Voor zij die het album nog niet beluisterden, waaraan kunnen ze zich verwachten?

B: Een korte, hevige stroomstoot die je net geen hartaanval bezorgt, maar waar je wel grondig van moet bekomen. Geen gezever, maar simpelweg dertien keiharde nummers straight to the point, die doorhameren tot op het bot zonder al te veel tierlantijntjes. Dat klinkt nu misschien overdreven, maar dat was echt het gevoel dat we wilden vastleggen op deze plaat.

FUZZ – De plaat duurt inderdaad nog geen half uur. Kunnen we dit opvatten als een statement?

B: Ja, al was het niet de oorspronkelijke gedachte die achter het album schuilgaat. Hadden we nu drie kwartier muziek geschreven waar we 100% achter stonden, dan had het album drie kwartier geduurd. Geen probleem. Toen we op het einde aan het sleutelen waren aan de plaat en bleek dat de plaat ‘slechts’ 27 minuten duurde, hadden we beiden iets van: “Ok, so be it!”.

FUZZ – Hoe is het eigenlijk allemaal begonnen voor Nid & Sancy?

B: Eerst was er Galacticamendum. In het jaar 2000 hebben we een jaar in Londen gewoond waar we veel inspiratie hebben opgedaan. Toen we terug naar Gent kwamen, begonnen we simpelweg wat muziek te maken met zeer basic materiaal zoals een sampler en een keyboardje. Ons eerste nummer hebben we toen anoniem via een tape in een envelop opgestuurd naar Luc Janssen.

Die had op dat moment zowel een programma op Studio Brussel als op VPRO dat Crapuul de Lux heette. Hierin liet hij vrij obscure muziek aan bod komen, 'vreemde shit' eigenlijk. Die pikte ons nummer meteen op en begon het te draaien op de radio, terwijl hij geen flauw benul had wie we waren. Op die manier namen we iedere week een nieuw nummer op en wat we ook fabriceerden, altijd pikte Luc het op en speelde hij het in zijn programma. Zo ging de bal aan het rollen en pas in latere instantie schakelden we over op het alter ego Nid & Sancy .

FUZZ – Mogen we nog nieuw werk verwachten van jullie ander alter ego The Living Islands of een comeback van Galacticamendum?

B: Jazeker. In september doen we met Galacticamendum een nieuw project . Eerst zullen we drie dagen lang de Studio Herman Teirlinck overnemen en naast een geluidsvoorstelling volgt er ook een heuse expositie van al onze platenhoezen en andere snufjes rond Galacticamendum.

FUZZ – Valt het wat mee om als koppel in de studio te zitten en samen op te treden?

B: Eigenlijk wel. Na al die jaren hebben we een methodiek ontwikkeld waar we ons beiden kunnen in vinden. Ik zou het zelfs lastig vinden om op mijn eentje een plaat te maken. We vullen elkaar namelijk perfect aan en nog steeds kunnen we elkaar verbazen met elkaars inbreng. Onvermijdelijk botst het wel eens, maar na al die jaren weten we perfect wat we aan elkaar hebben en wat de andere bedoelt. Constructief werken is de boodschap.

FUZZ – Hebben jullie elk jullie eigen taken in de studio?

B: We werken wel af en toe eens apart, maar we werken allebei aan alles. Het is niet dat iemand specifieke taken heeft, al nemen we vaak elkaars werk over eens de ander wat vast dreigt te zitten. Als ik het zo bekijk, moeien wij ons werkelijk met alles van elkaar. (lacht)

FUZZ – Soms klinkt jullie muziek als een geniale aaneenschakeling van geflipte sounds. Is dit niet om gek van te worden tijdens het producen?

B: Jazeker! (lacht) Wanneer je op een dag acht à negen uur aan eenzelfde nummer met dezelfde sounds bezig bent, word je wel eens tureluurs. Maar uiteindelijk heb je dat bij alle genres wat, al zijn sommige van onze sounds misschien wel wat extremer. De sleutel om niet gek te worden is alles voldoende tijd geven.

Vaak laten wij nummers enkele weken of zelfs maanden in de koelkast zitten om er dan opnieuw verder aan te werken met hernieuwde inspiratie. Zie het als een natuurlijke selectie in de harde wereld van de muziek. Alles dat niet goed genoeg is, vliegt zonder pardon de vuilbak in.

FUZZ – Hebben jullie nog steeds zeer nauwe contacten met Soulwax?

B: We kennen elkaar al heel lang. Jaren geleden hadden we een bandje waarin Stephen drums speelde, Steve – die ook drummer van Soulwax was – speelde toen percussie en bongo’s. Geoffrey Burton – nu gitarist van onder meer Hong Kong Dong en Daan die ook al samen speelde met Iggy Pop – was de bassist en ikzelf gitarist.

We speelden in die tijd het voorprogramma van The Jim Rose Circus, een rondtrekkend gezelschap dat zijn tenten telkens neerzette tijdens de Gentse Feesten. Dat was pas een geflipte act; een bandlid van kop tot teen in puzzelstukjes getatoeëerd, een ander bij wie strijkijzers aan zijn ballen hingen te slingeren. Zelfs glas eten op het podium was niet ondenkbaar. Redelijk maf allemaal. (lacht)

FUZZ – Het album The Cut Up Jeans Technique werd op jullie eigen label Digital Piss Factory uitgebracht. Een bewuste keuze om de touwtjes in eigen handen te hebben?

B: Inderdaad. We hadden de laatste jaren zoveel muziek klaarliggen die normaal ging uitgebracht worden op andere platenfirma’s, maar dat gaat vaak zo tergend traag dat je het momentum verliest. Zo hadden we bij wijze van spreken al een afgewerkt album voor The Living Islands op de schap liggen dat zou uitkomen op een Frans label. Dat bleef uiteindelijk aanslepen, waarop we beslist hebben het heft in eigen handen te nemen.

We willen iets kunnen releasen wanneer we het zelf willen en wanneer we het zelf afgewerkt vinden. In die zin werk Digital Piss Factory echt bevrijdend. Ondanks alle administratieve rompslomp is het echt de moeite waard. En als we één of ander project op een ander label willen releasen om een groter publiek aan te boren, hebben we daar nog de vrijheid toe.

Een ander aspect is dat we nogal fan zijn van vinyl en vele labels gewoon digitaal releasen. Ik betwijfel of andere labels zouden open staan om een picture disc te maken en een speciaal riso fanzine. Bij DPF kunnen we dat wél doen en dat is alleen maar positief. Niet dat we iets hebben tegen digitaal, integendeel, maar het mag niet het enige zijn dat er bestaat. 

FUZZ – Aan je collectie te zien valt inderdaad af te leiden dat je een grote vinylliefhebber bent.

B: Zeker. Het is een cliché dat staat als een huis, maar op die manier krijg je pas echt voeling met de muziek. Je moet er ook moeite voor doen. Telkens een nieuwe plaat opleggen vraagt fysiek ook wat arbeid, waardoor je een band krijgt met je platen. Al ben ik zeker geen purist die vinyl superieur vindt, zo vind ik de iPod een van de geniaalste en gemakkelijkste uitvindingen van het laatste decennium.

FUZZ – De rauwe electro- en electropunkscene, waaronder jullie ook vaak gecatalogeerd worden, gaat de laatste tijd wat bergaf. Merken jullie dit zelf ook?

B: Dat valt wel mee. Wij zijn dan ook nooit met pure electro bezig geweest, of zo zien wij het alvast niet. Wel werden we vaak in dat hokje gedropt, al heb ik daar eigenlijk zelf geen probleem mee. Het zelf definiëren van ons genre is eigenlijk het laatste waar ik me mee zou bezig houden.

Ik heb niet het gevoel dat we gevangen zitten in een genre dat de grip op de muziekwereld wat dreigt te verliezen. Nee, we doen gewoon wat we willen, welk genre anderen daar ook willen op kleven. En de mensen die ons wat kennen, weten dit ook. Nid & Sancy gaan niet onderuit omdat de electrowereld dreigt in te storten, we doen gewoon ons ding. Zo werkt de muziekwereld nu eenmaal en alles kent zijn ups en downs.

FUZZ – Jullie brachten al eens een nummer uit op een compilatie van Dim Mak. Heeft die release extra deuren geopend of jullie publiciteit een boost gegeven.

B: Nee, niet echt. Dat was eigenlijk tot stand gekomen nadat we Skinny Fit naar enkele mensen hadden doorgestuurd. Toen kregen we een mailtje van Steve Aoki met de vraag of hij het mocht uitbrengen op zijn compilatie. We vonden Skinny Fit meer iets waar we als single wilden mee uitpakken en dus stelden we voor om een ander nummer, WAVE?STREAM, op de compilatie te plaatsen. Maar of die release ons nu echt echt een duwtje in de rug gaf, betwijfel ik.

FUZZ – En zouden jullie het opnieuw overwegen, mocht Steve die vraag weer stellen? Rekening houdend met het feit dat Dim Mak de laatste jaren een iets meer commercieel gerichte koers vaart?

B: Is dat zo? Ik heb er eerlijk gezegd absoluut geen idee van welke koers Dim Mak uitgaat. Er zijn slechts zeer weinig labels die ik actief volg en ik denk niet dat ik de laatste jaren ook maar één release van Dim Mak heb horen passeren. Wat niet wegneemt dat ik enorm veel respect voor Steve Aoki heb.

Uiteindelijk is hij een zeer correct mens, eerlijk en zonder bullshit. Hij heeft zijn label – stilaan een imperium – vooral te danken aan zijn goede manier van communiceren. Aoki antwoordt vrijwel meteen  persoonlijk op zijn mails, iets waar hij volgens mij heel wat uren per dag mee bezig is. Je moet het maar doen. 

FUZZ – Je werkte onlangs ook samen met andere artiesten zoals Compact Disk Dummies in de studio, hoe verliep dit?

B: We hadden al contact met Compact Disk Dummies nog voor hun doorbraak na Humo’s Rock Rally. Op een dag kwamen ze ons na een optreden een cd’tje afgeven en vanaf het eerste moment waren we verkocht voor hun enthousiasme. Dat ze goede songs in hun mars hadden, stond toen al buiten kijf. Na Humo's Rock Rally hebben we niets willen overhaasten en zijn we op ons eigen tempo aan de slag gegaan voor de EP. The Reeling was zelfs een nummer dat ergens in een soort vuilbak-playlist verborgen zat! 

Verder heb ik ook het nieuwe album van Mumbai Science afgemixt. Met Stefaan (de groene dokter himself, red.) hebben we al een tijdje sporadisch contact. Toen Mumbai Science hem liet weten dat ze iemand zochten om hun album af te mixen die van verschillende markten thuis was, kwamen ze bij mij terecht. Een zeer tof en interessant album trouwens!

FUZZ – Merk je een groot verschil tussen de nieuwe generatie artiesten en de meer ervaren rotten zoals jullie?

B: De kern van de zaak blijft nog steeds hetzelfde: muziek maken uit passie en liefde ervoor en vooral gewoon je eigen ding doen. Als ik zie hoe Compact Disk Dummies zich amuseren op het podium, dan merk ik weinig verschil. Op dat vlak kan je niet echt van een generatiekloof spreken.

Wat me wel opvalt is dat het bij sommige jonge artiesten vaker om de roem en faam draait dan om de muziek op zich. Soms zijn ze ook net iets te snel tevreden over hun eigen werk en beginnen ze te vroeg met het rond te sturen naar labels en dergelijke, al zal je dat vroeger ook sowieso gehad hebben. Maar de technologische vooruitgang heeft wel de drempel om muziek te maken verlaagd.

Langs de ene kant een goede zaak want zelfs met een klein budget kunnen jonge talentvolle producers potten breken, maar langs de andere kant krijg je ook een overload aan nieuwe artiesten die elkaar voortdurend reproduceren in plaats van origineel uit de hoek te komen. Voor- en nadelen dus, die telkens bepaald worden door de verder evoluerende vooruitgang. Maar als ik een tip kan geven voor jonge artiesten: volg gewoon je instinct en laat je niet te veel beïnvloeden door media en externen maar doe je eigen ding. Echte rastalenten komen sowieso ooit bovendrijven.

FUZZ - Na deze gouden raad bedankten we Bart voor zijn tijd. Wie het album nog wil aanschaffen kan terecht bij zijn lokale platenboer voor een prachtige picture disc vinyl of een gewone vinyl, met een 'fanzine' bijgevoegd. Ook online kan je het album via iTunes nog aankopen.