Interview: Skream

Interview: Skream

Dood aan de festivalclimax, Skream waagt zich aan allnighters! De Brit huist sinds een poos in de house en wil die transformatie nu naar een hoger niveau tillen met urenlange sets. Wie naar z'n Open To Close-tour komt, zal Skream aantreffen in z’n meest comfortabele zelve.

FUZZ – Je trekt op pad met de Open To Close-tour, je hebt de laatste jaren amper iets uitgebracht, … ben je nu meer een DJ dan een producer?

Oliver Jones: Neen, zeker niet. Ik weet dat het aantal releases dat ik uitbreng in vrije val is, maar ik voel de nood om meer buiten te komen en shows te doen. Maar ik blijf zeker muziek maken hoor. Deze zomer tekende ik nog twee nummers. Eentje op m’n eigen label Of Unsound Mind en een op Crosstown Rebels volgende maand. Ze zaten al een tijdje in m’n set.

Maar het klopt dat ik me de laatste twee jaar echt focus op het dj’en. Ik heb echter het geluk dat ik kan leven van deze job, dus kan ik tijdens de week aan nummers blijven sleutelen in de studio.

FUZZ – Is dat ook de reden waarom je een nieuw label startte; je wou meer selector zijn?

Jones: Goeie vraag, maar niet noodzakelijk. Ik heb altijd een label gehad met Disfigured Dubz, maar dat past niet echt meer bij wat ik nu doe. Er is gewoon zoveel muziek voor handen, dat anders nooit gehoord zou worden indien ik het niet uitbreng via mijn label. Het zou maar zonde zijn.

FUZZ – Is het cheesy om te zeggen dat je carrière ook op een all nighter lijkt? Je bracht verschillende genres, verschillende stijlen, verschillende tempo’s, …

Jones: Haha! Eigenlijk wel. Ik probeer het steeds spannend te houden voor mezelf. Ik kan je niet zeggen of ik dit bijvoorbeeld over vijf jaar nog doe. Sinds m’n 14 zat ik in de dubstep en bleef er tien jaar lang in rondhangen. Wie weet wat de toekomst brengt. Misschien maak ik wel gabber (lacht)?

FUZZ – Waarop doel je met deze tour? Dat mensen hun Shazam bovenhalen of het als een achtergrondmuziekje zien bij hun drink?

Jones: In feite wil ik simpelweg uitpakken met m’n platencollectie, ja (lacht). An evening with Skream, zonder het theekransje. Mensen mogen doen wat ze willen. Maar een goed feestje is altijd de bedoeling.

FUZZ – Worden er te weinig allnighters gedaan? Of bestaan er geen dj’s meer die kunnen opwarmen of afbouwen?

Jones: Neen, daar doe ik het zeker niet om. Er zijn een pak goeie dj’s, ik kan alleen maar hopen dat ik er ook een ben. Ik doe deze allnighters omdat ik niet langer voldoening krijg van twee uurtjes.

FUZZ – Je vertelde dat er in de allnighters op de Open To Close-tour veel nummers zullen zitten waartoe je anders de kans niet krijgt ze te spelen. Moeten dj’s een bepaald format volgen dan?

Jones: Tijdens de zomers toch alleszins… (beteuterd). De sets duren amper 90 minuten, je moet pieken. Dan kan je de interessante nummers niet opleggen. Er is veel meer volk met een wijde interesse, die moet je allemaal proberen pleasen.

Maar ik koop zoveel muziek die ik dan op één of andere manier in m’n sets probeer te krijgen. In langere sets heb je de mogelijkheid veel meer kanten op te gaan. Je kan dan letterlijk het feestje houden dat jij wil.

FUZZ – Gaan we ook je edit van Morrissey of SOHN horen? Je hoort die nummers graag, maar ze zijn niet meteen in te passen in een allnighter toch?

Jones: Goh.. Misschien. De pers maakt er wel te snel iets van wanneer een producer iets online zwiert. Vaak wil je die edits gewoon online hebben, zodat iedereen ze kan horen. Dus wie weet duiken ze ook wel op in een set.

FUZZ – Heb je überhaupt dan nog een selectiemethode wat je klaar hebt zitten?

Jones: Neen. Ik start graag langzaam, op zo’n 110 BPM. Wat daarna komt, zien we dan wel. Maar elke avond is anders, elk publiek is anders. Het zou bizar zijn om op voorhand de vibe al proberen vast te leggen. Ik probeer wel steeds wat onuitgebrachte muziek in de vitrine te stallen om te zien of ze het oppikken. Zeker in de vroege uren kan je echt experimentele dingen opleggen.

Het enige systeem dat ik heb zijn mapjes, opgedeeld per genre. ‘Tribal’ bijvoorbeeld (lacht). Om maar te zeggen; ik heb bewust m’n hele rekordbox gewist na deze zomer. Ik wil niet dat ze dezelfde Skream blijven horen, set na set. Wanneer je als dj meedraait in het clubcircuit, is het echt vervaarlijk om in zo’n routine te vallen. Maar ook tijdens die waas van een zomer, wanneer je amper weet waar je staat of welke dag van de week het is. Voetjes op de grond en jezelf blijven vernieuwen dus.

FUZZ – Je speelt house nu. Dat is wellicht een pak comfortabeler om een allnighter mee te doen dan bijvoorbeeld dubstep?

Jones: Goh.. Nog voor ik dubstep deed zat ik ook al in de house en garage, dus het komt wel van ergens. It’s not alien to me. Ik kan muziek spelen op elk tempo, het heeft dus ook weinig met de structuur van nummers te maken.

Sommige mensen hebben nog steeds niet goed door dat ik nu into house ben. Op deze manier wil ik die andere kant nog eens extra in de verf zetten. Al wil ik er ook geen statement van maken hoor.

In feite wil ik simpelweg uitpakken met m’n platencollectie, ja (lacht).

FUZZ – Verleent het concept zich niet perfect om wat genres uit te diepen? Een masterclass in disco of house bijvoorbeeld?

Jones: Het zal een masterclass worden in zowat alles, gok ik (lacht). Nogmaals; ik koop echt te veel muziek, tot soms wel 800 pond per week. Het kan dus perfect dat ik in een discomood kom, maar ik ga niets voorbereiden. We hebben genoeg tijd iedere nacht. Ik zou liever willen dat de overgangen van genre naar genre goed gaan, in plaats van dat ik er sta met een voorbereide set die dan niet aanslaat.

FUZZ – Ga je ook verzoekjes aannemen? Of zijn er absolute no go’s?

Jones: Niets is no go! Alleen m’n oude nummers ga ik niet zitten opleggen. Dat zal niet werken. Ook geen flauw idee hoe ik er naartoe zou moeten werken in een set.

FUZZ – Genoteerd.

Op 19 november passeert Skream met z'n Open To Close-tour ook in België. Labyrinth Club is de plek des heils, info en tickets vind je hier.

Artiesten in dit artikel