Belgisch talent onderscheidt zich tijdens Neon @ AB (16/12/16)

Op 16 december opende de Ancienne Belgique uitzonderlijk de ganse nacht zijn deuren. Samen met Proximus bouwden ze de zaal om tot een indrukwekkende setting voor het minifestival NEON. Waar in de hoofdzaal op zeker werd gespeeld met nostalgische acts van Etienne de Crécy en Cassius, kreeg het Gentse Moodfamily alle vrijheid om de Club op eigenzinnige wijze in te palmen.

Dat NEON kosten noch moeite had gespaard om een uniek decor te creëren, werd al duidelijk vanaf de eerste seconde. De ganse inkomhal werd gehuld in fluorescerende items en ook het publiek werd getrakteerd op fluo schminkbeurten. We trokken eerst naar de Club waar AMyn bezig was aan zijn slow set.

De geniale Gentse producer bracht onlangs zijn eerste langspeler uit op het befaamde Apollo Records, maar het publiek liep duidelijk niet echt warm voor deze sferische opener. AMyn liet het niet aan zijn hart komen en trakteerde de aanwezigen op diepe platen die rechtstreeks op de ziel inwerken. 

Vervolgens trokken we naar de hoofdzaal waar de winnaar van de dj-contest, CEED., aan het slotakkoord van zijn set bezig was in de imposante lichtconstructie die was neergepoot in de AB. De beloftevolle CEED. heeft met Endnight nog maar één officiële release op zijn naam staan op Amselcom, maar wat voor één. 

Met diepe melodische house warmt hij de geleidelijk toestromende bezoekers op perfecte wijze op. Zijn warme sound verspreidde zich als een lopend vuurtje doorheen de Ancienne Belgique. Het beloofde een mooie muzikale avond te worden. 

Na CEED. trokken we opnieuw naar de club waar een ander raspaard uit de Moodfamily-stal ondertussen aan zet was: Harted. We konden nog het laatste stuk van zijn set meepikken maar zelfs in die korte tijdsspanne wist hij opnieuw indruk te maken. Na zijn fantastische set tijdens 2 Years Moodfamily was deze set de bevestiging dat Harted nog heel wat potten zal breken in zijn muzikale carrière. Platen als Abridged en Wander waren de kers op de taart en toverden een smile op ieders gezicht.

Dat kon helaas niet gezegd worden over de set van Dusky... Waarom Dusky al om tien uur aan de bak moest is ons een raadsel. Ze hebben met hun fantastische mengeling van vloeiende sounds en tgv beats en met een gloednieuw album onder de arm alles in huis om op het absolute piekuur de AB in te pakken met een ferme strik errond. Nu werden ze verplicht met de handrem op te spelen.

De Britse heren blonken uit in eentonigheid en een ongeïnspireerde tracklist met bijzonder weinig dynamiek. We durven zelfs het woord 'saai' in de mond te nemen. Gezien hun reputatie toch wel een verrassend zwakke set, waarbij ze de term 'warming up' wellicht iets te letterlijk namen. Een accident de parcours? Laat het ons daarop houden.

Gelukkig kon Etienne de Crécy daarna wel meer de climaxen opzoeken. In eerste instantie speelde hij vooral nummers van zijn Super Discount 3 album, zoals Night (Cut the Crap), You en Smile. Stuk voor stuk leuke nummers die heel goed aansloegen bij het intussen stevig heupwiegende publiek. De mengeling van pop en Franse electro evolueerde naar iets steviger werk dat duidelijk teruggreep naar de hoogdagen van de electro, ondertussen al bijna tien jaar geleden. Die stijl heeft het altijd goed gedaan bij het Belgische publiek en dat was nu niet anders, geregeld gingen alle handen de lucht in en konden zowel jongens als meisjes een stevige gil niet onderdrukken.

De heren van middelbare leeftijd van Cassius zagen dat het goed was en zetten de toon die hun al even oude landgenoot had gezet gewillig verder. Disco en funk, al dan niet in een modern jasje, afgewisseld met stevige sawtooth bassen van vette electro tracks, zo herkennen we Phillipe Zdar en Boom Bass. Er was veel goeie wil, maar toch kon Cassius niet geheel brengen wat we ervan verwacht hadden. De kater die ze ons bezorgden op Pukkelpop kon slechts gedeeltelijk worden doorgespoeld.

Hun set werd echter door de zwetende bewoners van de dansvloer opnieuw op gejuich onthaald, zeker wanneer hun knaller I <3 U So in de blender ging met een stevige beukplaat. Naar het einde van de set minderde de vettigheid van de bassen en kozen ze meer voor funky houseplaten, zodat Claptone zonder grote stijlswitch zou kunnen overnemen. Cassius bracht zo een degelijke, maar allerminst onvergetelijke set.

De gemaskerde house-ster Claptone zou de keet dus afsluiten. Een dergelijke grote naam verdient inderdaad een goeie stek op de line-up, hoewel een position-switch met Dusky muzikaal logischer was geweest. Zijn hits als Eyes On Me en Liquid Spirit vallen steevast makkelijk in de oren en werden net als zijn Sam Smith-remix duidelijk gesmaakt.

Uitdagend kon je de set zeker niet noemen maar we vermoeden dat slechts een kleine minderheid zich daar om 5 uur ’s ochtends echt zorgen om maakte. De sfeer was bij momenten wat lauw, maar op de momenten dat Claptone wat buiten zijn comfortzone durfde te stappen, met onder meer onderstaande KiNK remix, steeg de temperatuur toch merkelijk. Het zorgde voor een ietwat onsamenhangende set die alle richtingen uitging.

Terwijl het feest in de hoofdzaal af en toe dreigde stil te vallen, hadden de mannen van Moodfamily de club in vuur en vlam gezet. Stavroz, één van de speerpunten van het label, kreeg al rond de klok van twaalf het publiek rondom hen verzameld voor een intiem dansfeest. Voor de gelegenheid brachten ze er een bredere, meer gevarieerde set dan we van hen gewoon zijn. En of het een aangename verrassing was!

Een half uur voor het einde van hun set pakten IJsbrand en Gert uit met een fantastisch drieluik. Terwijl de basgitaren van Erol Alkans herwerking van Connan Mockasin - Forever Dolphin Love nog door het uitstekende soundsystem galmden, hoorden we hoe Tame Impala in de Soulwax-versie naadloos werd ingemixt. Gooi daar nog eens de Âme remix van Sailor & I hun Turn Around bij en je krijgt een zichtbaar genietend publiek. 

Hét hoogtepunt kwam echter vlak voor het einde van hun set, toen Voices From The Past van Gardens of God door de speakers werd geknald. De diepe baslijn zorgde voor een extatisch slot van de set, terwijl Johannes Brecht zich opmaakte voor zijn liveset.

Op Tomorrowland kon de Duitser ons niet geheel overtuigen. Vanaf de eerste minuut werd echter duidelijk dat zijn topproducties veel beter tot hun recht komen 's nachts in een club dan op een openluchtfestival. Fijn uitgekiende tracks werden aan elkaar gerijgd met de nodige precisie. De lange breaks en even lange opbouw naar climaxen gecombineerd met aanstekelijke vocals deden duidelijk hun werk.

Zijn twee recentste hits hield hij voor het slot. Na zijn eigen herwerking van de track Voix Grave, oorspronkelijk samen met Christian Prommer gemaakt, volgde een laatste herkenbare remix. Johannes Brecht was namelijk één van de zovelen die recent een remix van Moby uitbracht. Hoewel vele van deze remixen alleen maar afbreuk deden van de geniale originals, weet Johannes Brecht er toch een pareltje van te maken. Zijn remix van Natural Blues zorgde voor een perfect slot.

Als laatste was KooDoo aan zet. Na de melodische en beatloze opener Übersprung van Vermont, liet KooDoo de bassen en beats spreken. Hij schakelde geleidelijk aan een tandje hoger en denderde zo richting techno van onder meer Traumprinz.

Waar de grote headliners als Dusky, Cassius en Claptone wat tegenvielen, zullen we Neon vooral onthouden als het ietwat té artificieel aanvoelende festival waar Belgisch talent als CEED., Harted en Stavroz zich onderscheidden. Johannes Brecht en Etienne de Crécy zorgen voor de aangename buitenlandse acts. 

Foto's: © Jokko / Ancienne Belgique