Laundry Day '17: verjaardagsfeestje met alles erop en eraan (02/09)

Zaterdag 2 september was daar, tijd voor de grote test voor Laundry Day 2.0. Het festival vierde z'n twintigste verjaardag en deed dat op een nieuw elan. Fuzz zag onder meer Kölsch, Blawan en Stephan Bodzin aan het werk.

Bij het opslenteren van het terrein doken we de eerste de beste containergeul in, op hoop van zegen. De hosting bleek door Labyrinth en Club Vaag te zijn, met housevedette Nico Morano achter de knoppen. Die draaide bijgevolg een pak killer dan we van hem gewoon zijn: zachte technonummers van Jean Claude Ades, Andhim en Denis Horvat weergalmden. Morano moest een half uur langer breien aan z'n set, want de techniek liet het afweten bij Stephan Bodzin.

Eer die z'n machinerie aan de praat te kreeg, bood Morano het publiek op een plaatje aan. De Duitser had geen tijd te verliezen en vloog er meteen in met live knoppengedraai en synth-gebeuk. Het volume schoot de hoogte in, Singularity knalde de set op gang. Het was echter geen gebeuk all the way. Er werd gas teruggenomen naar Zulu, er sloop trance binnen en Kerberos, Odyssee en Atlas passeerden de revue. Het publiek wist wat het moest doen: dansen!

De eerste test van de opstelling met zeecontainers was dus dik geslaagd. We hadden geen enkele last van naburige stages (met een uitzondering op de Trillers-stage na), het geluid was prima. De containers zorgden er echter voor dat het qua inkleding eerder op de vlakte bleef. De kille, industriële look overheerste, een fel schijnende zon bood tegengewicht.

Op zich waren de kortere sets ook een fijn gegeven, al zorgde dat wel voor gekke sprongen op de timetable. Zo speelde techno-headliner Len Faki al om 14u15 (!), moesten San Soda en co aan de bak op Lefto z'n stage (?) en zorgde dit meer dan eens voor leeglopende podia. Rond 19u konden we ons niet van de indruk ontdoen dat er enkele duizenden mensen te weinig waren voor fijngevulde stages. Pas twee à drie uur later was het terrein aanvaardbaar gevuld - maar dan nog hadden stages als Trillers, Lefto en zelfs StuBru het erg moeilijk volk tussen hùn containers te krijgen. Dat kostte minder moeite voor de afgevaardigde clubs en hun trouwe aanhang: Labyrinth / Vaag, EXORoxy en Versuz hadden de dansvloer immer gevuld.

Dat was helaas niet altijd het geval, getuige de arme San Soda en Jeroen Delodder, die voor slechts enkele tientallen mensen hun set vol afrobeat (waaronder Amadou & Mariam) en old school classics afhaspelden. Het bewijst wel dat er ook ruimte was voor minder evidente muziekkeuzes. Iliass op de beat kreeg z'n kans bij Trillers en smeet aan een waanzinnig tempo de "Pokoe's" en "Skrt's" om onze oren, vooraleer de decks over te laten aan Sabre van Ivy Lab.

Die startte z'n set heel veilig: enkele hiphopriedels (Vince Staples en Kendrick Lamar) moesten de opgedaagde beatliefhebbers warm krijgen. Even dieper in de set was het genoeg geweest met de veilige modus en schakelde de Brit een versnelling hoger. De energie werd erin gepompt, het tempo werd opgedreven en de two-stepdanspasjes bleven niet lang uit.

Niet veel later palmde Blawan de Ampere-stage in met technostompers à volonté. De Brit groeide de voorbije jaren gestaag uit tot headliner en maakte die rol waar. Z'n tracklist bevatte onder meer Zadig en Teemu T. en deed op die manier hard denken aan de pletwals van Bjarki op Pukkelpop enkele weken terug.

Gaandeweg slopen er snuifjes acid in de set en passeerden I1 Ambivalent, Rraph en Emiliano Benedetti nog. De goedgevulde stage liet de techno makkelijk naar binnenglijden en danste zich warm in de ondertussen frisse nacht. De finale van deze zegetocht zette Blawan uiteindelijk in met het eigen Atlas.

Terug naar Labyrinth / Vaag dan voor afsluiter Kölsch. De Kompakt-held startte met de Henrik Schwarz-herwerking van Boy In The Picture en zette daarmee de toon van een gemoedelijke set. Ondanks dat ie iets te graag de effectenmixer in de aanslag had, duwde de Duitser het gaspedaal zelden tot nooit in.

Daarvoor was het wachten tot het tweede deel van de set, met het eigen Goldfisch, Prince en Pig & Dan. De ban leek gebroken en Opa kopte met veel plezier binnen. Radio Slave en Technasia werkten richting de finale toe, All That Matters en z'n kakelverse remix voor London Grammar klaarden de klus. Grootmeester.

Laundry Day kon veel van de hernieuwde beloftes invullen, waarvoor chapeau. Vooral hulde aan de opstelling van zeecontainers en puike geluidsbeheersing daartussen. Helaas volgt een publiek niet zomaar - zeker niet na een tanende reputatie opgebouwd tijdens de laatste jaren. De opkomst leek de hele dag relatief karig, pas naar de avond toe stond het terrein op het merendeel van de stages lekker vol.

Finetunen dus en verder gaan op dit elan; want de formule werkt wel. Het verjaardagsfeestje had alles wat een 20-jarige maar dromen kan.