Dour 2018 dag 1: Deewee aan de macht

Dour 2.0 geeft het beste van zichzelf

Dour blaast 30 kaarsjes uit en bij zo’n jubileumeditie hoort ook een gezonde make-over en een verhuis. Dour 2.0  bevindt zich eventjes verderop midden tussen de imposante windmolens waar vorige edities nog een legioen auto’s stonden geparkeerd. De nieuwe site voelt een stuk compacter en beter georganiseerd aan. Het terrein is één vlakke weide en de podia zijn anders geplaatst, La Petite Maison Dans Le Prairie heeft een spectaculair nieuw uiterlijk en The Last Arena is eindelijk een arena.

Maar genoeg over de feiten gesproken, laten we het over het Dour-gevoel hebben. Dour is dé jaarlijks hoogmis van je hedonistische medemens en steevast, elk jaar, in onze agenda gebrand. Want Dour is een unicum op de Belgische festivalkalender en ver daarbuiten. Dour bezorgt ons nog altijd zenuwen de avond voordien, zelfs na zes keer de Waalse outback doorstaan te hebben. U merkt het, dit festival heeft een speciale plaats in ons hart.

Om ons onvergetelijke Dour-avontuur feestelijk in gang te zetten besloten we naar Le Labo te gaan waar Deewee, het label van de gebroeders Dewaele, huishield. Wij konden nog net het laatste stukje van het Braziliaanse duo Phillipi & Rodrigo meepikken, die afsloten met Neutron Dance, het heerlijke zomerhitje van Krystal Klear. Bolis Pupul nam vervolgens de fakkel over in naam van de Deewee crew. Hij draaide direct een graadje harder met stevige acid en een potje doorgekookte techno.

De vroege Dourgangers konden dit zeker smaken, want zoals de aloude regel hier geldt: hoe harder, hoe beter. Een andere natuurwet op Dour is dat wanneer een randdebiel de kans krijgt om in een steunpaal van een tent te klimmen, hij deze met twee handen zal grijpen. En zo geschiedde het. Bolis Pupul bleef er koeltjes onder en draaide nog wat Afrikaans getinte tribal-house om dan weer terug in de techno te duiken. Hoogtepunt in de set vonden wij toch Teknow, een nummer van eigen makelij.

 

 

Gents topduo en Dewaele-protegés Asa Moto remden lichtjes af met tragere techno dan hun voorganger, maar dat zette absoluut geen rem op het feest. In tegendeel, de beats met vaak een flinke hoek af werden gulzig verorberd door heel wat oorschelpen. Blikvanger in de categorie “met een flinke hoek af” was zeker het geweldige Jump Bugs van Syclops.

Zoals de rest van de Deewee-stal bleek Asa Moto zeer bedreven in de kunst van stuiterende funky baslijnen die een lichaam in overdrive zetten. Want alhoewel het buiten al flink afgekoeld was, bevond Le Labo zich nog op het kookpunt. In het laatste half uur viel de muziek even uit wat een lichte domper op het feest zette, maar met gouden ouwe La La Land van Green Velvet maakte we met Asa Moto in de cockpit een meesterlijke landing.

Jon Hopkins was de volgende stop op onze Dour-express. De Brit lokte een enorme mensenzee naar de volledig vernieuwde Petite Maison Dans Le Prairie, dat misschien het best omschreven kan worden als een horizontale doorsnede van een zeppelin. Dit machtige decor in combinatie met de platwalsende beats van Hopkins zorgde voor een episch schouwspel. Voeg daar nog wat piekfijne visuals aan toe en je hebt alle ingrediënten voor een goed concert.

Elk nummer werd begeleidt door hypnotiserende ruimtemandala’s, kosmische Hubble-telescoop kiekjes en de desbetreffende videoclips bij elk nummer. Open Eye Signal bracht hét kippenvelmoment van de avond, wat ons betreft blijft dit ook zonder twijfel zijn beste track. Kleine hindernissen waren voor ons de soms wat brute overgangen en eindes van zijn nummers, maar in de finale optelling was dit eerder een kleinigheid waar we niet over willen struikelen.

 

 

Jon Hopkins werd afgelost door de heren van Modeselektor, die op Dour altijd wel een thuismatch spelen. Ondertussen zijn ze al toe aan hun vijfde dj-set op Dour en dat was eraan te horen. Vakkundig bracht het duo Duitse techno van de bovenste plank, afgewisseld met eigen topplaten en internationaal hoogstaand dansvloermateriaal.

De super vettige beats van Black Block sloegen in als een kernbommetje. Gebalde vuisten werden in de lucht gepompt op tracks als Exile 007 van Johannes Heil. Born Slippy van Underworld zorgde voor een aanstekers-in-de-lucht-moment. Eindigen deden de veteranen met The Bells van Jeff Mills, wat een massaal stampfestijn losliet op de houten vloeren van La Petite Maison. Terwijl de belletjes van meneer Mills nog door onze oren spookten trotseerden we de frisse nachtlucht onderweg naar de camping, met onze blik al vastgezet op dag twee.